De voorzitter opent de zitting op 26/02/2026 om 21:42.
De raad voor maatschappelijk welzijn keurt de notulen van de openbare vergadering van de raad voor maatschappelijk welzijn van 22 januari 2026 goed.
Het decreet lokaal bestuur van 22 december 2017 en latere wijzigingen in het bijzonder artikel 74.
De notulen van de openbare vergadering van de raad voor maatschappelijk welzijn van 22 januari 2026 worden ter goedkeuring voorgelegd.
Art. 1: De raad voor maatschappelijk welzijn keurt de notulen van de openbare vergadering van de raad voor maatschappelijk welzijn van 22 januari 2026 goed.
De raad voor maatschappelijk welzijn stemt in met het voorstel tot behoud van de verzelfstandiging.
Het decreet over het lokaal bestuur van 22 december 2017 en latere wijzigingen in het bijzonder art. 492.
De bespreking van het evaluatieverslag op de raad van bestuur van Welzijnskoepel West-Brabant d.d. 19 november 2025.
De aansluiting van het OCMW bij de Welzijnskoepel West-Brabant.
Art. 492 uit het decreet over het lokaal bestuur bepaalt het volgende: “Elke welzijnsvereniging legt in de loop van het eerste jaar na de volledige vernieuwing van de raden voor maatschappelijk welzijn een evaluatieverslag voor aan de raad voor maatschappelijk welzijn. Dat verslag omvat een evaluatie van de verzelfstandiging, waarover de raad voor maatschappelijk welzijn zich binnen drie maanden uitspreekt.”
Het evaluatieverslag voor Welzijnskoepel West-Brabant wordt als bijlage aan dit besluit gevoegd en omvat het volgende:
De raad voor maatschappelijk welzijn keurde in zitting van 18 december 2025 het evaluatieverslag goed. Vervolgens wordt nu gevraagd om zich akkoord te verklaren met het voorstel tot behoud van de verzelfstandiging.
Art. 1: De raad voor maatschappelijk welzijn stemt in met het voorstel tot behoud van de verzelfstandiging.
Art. 2: De raad voor maatschappelijk welzijn maakt onderhavige beslissing over aan de Welzijnskoepel West-Brabant en de Vlaamse regering.
De raad voor maatschappelijk welzijn neemt kennis van de technische bemerkingen en aanbevelingen van het Agentschap Binnenlands Bestuur(ABB) betreffende het meerjarenplan 2026-2031.
Decreet lokaal bestuur van 22 december 2017.
Besluit van de Vlaamse Regering van 30 maart 2018 over de beleids- en beheerscyclus van de lokale en provinciale besturen, en in het bijzonder de artikelen 17 tot en met 26.
Ministerieel Besluit van 26 juni 2018 tot vaststelling van de modellen en de nadere voorschriften van de beleidsrapporten, de rekeningstelsels en de digitale rapportering van de beleids- en beheerscyclus van de lokale en de provinciale besturen, en in het bijzonder de artikelen 2 tot en met 4.
Het lokaal bestuur meldde de publicatie op de webtoepassing van de gemeente van het meerjarenplan 2026-2031, vastgesteld op 18 december 2025. Dit dossier werd bij het Agentschap Binnenlands Bestuur geregistreerd als LF-MJPBBC-25.0656.
Het nazicht van dit beleidsrapport heeft geleid tot volgende inhoudelijke vaststellingen:
MJP – Gecumuleerd budgettair resultaat vorig boekjaar (2025): foutief bedrag
De rubriek VI. “Gecumuleerd budgettair resultaat vorig boekjaar” in het PDF-schema M2 vermeldt in het boekjaar 2026 een bedrag van 7.074.085 euro. Dit bedrag is niet correct. Het gecumuleerd budgettair resultaat van de jaarrekening 2024 werd overgenomen zonder rekening te houden met het budgettaire resultaat 2025 in de laatste aanpassing van het meerjarenplan en de overdrachten van de investerings- en financieringskredieten van 2024 naar 2025.
Als er rekening gehouden wordt met het budgettaire resultaat 2025 en de overdrachten van de investerings- en financieringskredieten van 2024 naar 2025 zou er niet meer voldaan worden aan de evenwichtsvoorwaarden. We hebben bijkomende aanpassingen van de ramingen voor 2025 bezorgd aan ABB met betrekking tot exploitatie uitgaven en ontvangsten en de investeringsuitgaven die niet gerealiseerd werden. Hiervoor werd het alternatief schema M2 op gemaakt met de nodige verantwoording voor de aanpassingen aan de ramingen.
Het gecumuleerd budgettair resultaat voor het jaar 2026 wordt als volgt berekend:
- vermeerderd met het saldo van de exploitatie uitgaven en ontvangsten (584.349 euro)
- vermeerderd met de investeringsuitgaven (5.307.079 euro)
Na de inbreng van de correcte cijfers in voorliggend meerjarenplan zou aan de evenwichtsvoorwaarden van artikel 16 van het BVR BBC van 30 maart 2018 worden voldaan.
Dat doet evenwel geen afbreuk aan het feit dat er geen alternatief schema M2 met verantwoording voor de berekeningswijze van het gecumuleerd budgettair resultaat 2026 opgenomen wordt in de toelichting van het meerjarenplan. Afwijkingen aan het gecumuleerd budgettair resultaat 2026 zijn enkel toegestaan wanneer deze afdoende verantwoord worden in de toelichting van het meerjarenplan.
Beslissing tot vaststelling: verwijzing naar regelgeving
In de raadsbeslissing van de gemeenteraad wordt niet verwezen naar de correcte regelgeving, nl. artikel 78, 4°, de raad voor maatschappelijk welzijn is bevoegd voor het vaststellen van de beleidsrapporten van de gemeente en het OCMW.
Toelichting bij het meerjarenplan
Een aantal onderdelen van de toelichting zijn niet of onvoldoende uitgewerkt:
Technische bemerkingen
Deze opmerkingen en vaststellingen zullen worden rechtgezet bij de eerstvolgende aanpassing van het meerjarenplan.
Art. 1: De raad voor maatschappelijk welzijn neemt kennis van de technische bemerkingen en aanbevelingen van het Agentschap Binnenlands Bestuur (ABB) betreffende het meerjarenplan 2026-2031.
De voorzitter sluit de zitting op 26/02/2026 om 21:46.
Namens Raad voor maatschappelijk welzijn,
Isabelle Van Passel
waarnemend algemeen directeur
Kris Leaerts
voorzitter